Geschiedenis


OCV De Markloawen is opricht op 20 April 1970 en telde in 1971 al 60 leden. 

In café Jambor werd besloten tot de oprichting van de Oldenzaalse Carnavalsvereniging De Markloawen. Mensen van het eerste uur waren de heren Game, Ancone en Jambor die het oprichtingsbestuur vormden. Al snel kwam men in contact met Johan Mulder van Hotel het Landhuis. Die zag een carnavalsvereniging in zijn zaak wel zitten waardoor Hotel het Landhuis al snel de residentie van de OCV de Markloawen werd.

Vanaf het eerste jaar werd deelgenomen aan de Grote Twentse Carnavalsoptocht. Zelfs toen in 1977 door brand onze praalwagen in vlammen is opgegaan zijn door veel mensen alle schouders eronder gezet om op de valreep een nieuwe praalwagen op straat te brengen.

Johan Mulder werd benoemd als penningmeester en was jarenlang de kartrekker van de eerste jaren voor de Markloawen.

In 1978 wordt Tonnie Morsink gekozen tot voorzitter van de Markloawen. Jaren lang is hij, samen met anderen, de drijvende kracht achter de vereniging. In 2000, zijn jubileumjaar, wordt zijn inzet beloont met de Jan Kip trofee, deze neemt hij in ontvangt van de Muiters. Dit was overigens niet onze eerste Jan Kip, in 1992 mocht toenmalig residentiehouder Johan Mulder deze trofee ook al eens in ontvangt nemen.

De Markloawenfamilie krijgt uitbereiding als in 1997 onze eerste jeugdhoogheden aantreden. Inmiddels heeft de Markloawenjeugd haar eerste jubileum ook al gevierd in 2008.

Naar het idee van Gunther Weber werd, volgens Duits voorbeeld, besloten een gravenpaar tot hoogheid te benoemen. Dit was natuurlijk een primeur voor Oldenzaal die op dat moment al vele carnavalsverenigingen kende. Vrouwen actief betrekken bij de vereniging is iets wat binnen de Markloawen altijd hoog in het vaandel heeft gestaan en staat. Of het nu de technische commissie is of de hofkapel; ze bestaan uit heren én dames. Andersom vind je net zo makkelijk mannen die voor de loopgroep pakken naaien.

Dit unieke karakter zorgde ervoor dat de vereniging gestaag groeide. Steeds meer commissies vervulden specifieke taken gedurende het carnavalsjaar. De Markloawen groeide uit tot een gezellige, familiare vereniging binnen het Oldenzaalse carnaval.

Vanaf het begin waren de Markloawen bekend om de veelkleurigheid van de leden maar ook van de hoogheden. Zo was er een hoogheid die zijn hond opnam in zijn huisorde. Ook benoemde hij zijn hond tot opperbewakingshond van de vereniging. Een andere hoogheid presteerde het om het hele carnavalsseizoen geen woord in het openbaar te spreken door zijn secretaris, namens hem, het woord te laten voeren, Een lange lijst van kleurrijke figuren die voorgingen in het feest der dwazen. 

Carnaval vier ie bie de Broodkont. Deze naam is in de Oldenzaalse volksmond vast verbonden met Hotel Het Landhuis. Volgens Twentse traditie worden dit soort bij- of scheldnamen aan een familiehuis of boerderij gegeven en blijven ook bij nieuwe bewoning hangen aan het huis. De naam was door de familie Loohuis als vorige eigenaren aan het Landhuis gegeven.

In de vele woorden die door de burgervaders over de Markloawen werden gezegd komt ook telkens weer de veelkleurigheid van de Markloawen aan de orde. Een vereniging voor eenieder. Een vereniging met een groot familiegevoel. Wellicht is hier een referaat van Burgemeester Cammaert wel op zijn plek: O.C.V. De Markloawen; dat is een deel van die Glimlach van Twente. Of anders gezegd: “Woar ie ok vedan komt, Carnaval vier ie bie de Broodkont”.

 

 

Ga terug